De NGF wil snel een ander GVB, waarbij plezier in de sport centraal staat en het stressvolle praktijkexamen wordt afgeschaft.

Dat voorstel zal het bestuur van de Nederlandse Golf Federatie eind deze maand al aan de Algemene Ledenvergadering voorleggen.

In 1986 voerde de NGF het Golfvaardigheidsbewijs in. Daarmee wilde men de onstuitbare groei van golf in goede banen leiden. Om te voorkomen dat er op de vaderlandse golfcourses gevaarlijke taferelen zouden ontstaan, werden nieuwe golfers getoetst op hun regelkennis en hun technische vaardigheid. Na een test op de drivingrange en oefengreen werd het examen afgerond met het spelen van een paar holes.

Honderdduizenden Nederlanders hebben zo leren golfen. De aanpak van de NGF heeft er toe geleid dat de ‘golfdichtheid’ in ons land – twee procent van de Nederlanders is bij de Federatie aangesloten – groter is dan in bijvoorbeeld België, Duitsland en Frankrijk.

Toch wordt al enige tijd over het instituut GVB gemopperd en onderzoeken onder golfers, pro’s en examinatoren toonden ook aan dat er iets moet gebeuren. Daarbij komt nog dat veel GVB’ers te weinig rondjes spelen.

‘Daarom willen we een andere kant op’, vertelden NGF-President Ronald Pfeiffer en NGF-directeur Jeroen Stevens tijdens een drukbezochte informatiebijeenkomst voor clubbestuurders, en eigenaren/exploitanten van golfbanen. Zij presenteerden plannen die zoals gezegd eind maart tijdens de Algemene Ledenvergadering aan de vertegenwoordigers van de clubs worden voorgelegd. De reacties tijdens deze bijeenkomst waren van dien aard, dat het voorstel over een paar weken zo goed als zeker wordt aangenomen.

Maar wat gaat er dan veranderen?

De weg naar het GVB wordt een logische. De nieuwe golfer krijgt na verloop van tijd eerst golfbaanpermissie van de eigenaar ‘van het gras’ . Om het GVB te halen is er vanaf 1 juli aanstaande geen examen zoals nu – door velen als heel stressvol beschouwd -  meer nodig.

Er komt wel een moderne toets met relevante regelvragen en veel aandacht voor etiquette, die weinig zal lijken op het huidige examen.

Wat verdwijnt is die gevreesde proeve van bekwaamheid, waarbij onder het oog van de examinator een aantal slagen moet worden uitgevoerd. Ook het met de examinator spelen van vier ‘proefholes’ wordt afgeschaft.

Wie golfbaanpermissie heeft en de regel- en etiquettetest met goed gevolg heeft afgelegd, heeft aan het spelen van een zogenaamde qualifying-kaart voldoende. De nieuwe golfer moet negen holes spelen vanaf handicap 54 en achttien punten of meer behalen. De marker moet minimaal GVB’er/handicapper 54 zijn. Na die ronde moet de kaart ook worden getekend door eigenaar van de als dan niet commerciële baan, als zekerheid dat er ook echt gespeeld is.

‘Al met ingang van 1 april aanstaande staat het GVB gelijk aan handicap 54’, aldus Jeroen Stevens. ‘Zo is het GVB geen doel op zich meer geworden, maar een logische fase in het sportleven van een golfer. Want golf is natuurlijk in de eerste plaats een sport en dat betekent ook de uitdaging om beter, om vaardiger te worden. En beter spelen houdt ook in dat de golfer meer plezier aan zijn sport beleeft.’

‘Wie “54” op zijn kaartje heeft staan, wil natuurlijk graag naar een lagere handicap. Die uitdaging is er nu niet in alle gevallen. Het GVB is een kaartje met letters en niet een einddoel. Met het de koppeling aan handicap 54 gaat het – zoals het in sport hoort - over getallen en sluiten we aan bij dat krachtige element van golf dat handicapsysteem heet.’

Nieuw wordt vanaf volgend jaar ook dat je op een baan die korter is dan 2.750 meter het GVB – en dus een handicap – kunt behalen. Met andere woorden: ook op zogenaamde par-3 banen en pitch & putt courses.

Wie overigens zijn golfbaanpermissie heeft gekregen, kan meteen een NGF-kaartje verkrijgen. Dat kost slecht zestien euro per jaar en voor dat bedrag is de golfer meteen ook verzekerd. Maar nogmaals, de speler of speelster is niet verplicht om dat kaartje aan te schaffen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

      Oranjewedstrijd

 

    Yellow ball 2012